Chronisch niesziekte

Niesziekte is een veel voorkomende aandoening bij kittens en volwassen katten. De ernst van de klachten kan sterk variëren. Katten worden in Nederland standaard geënt tegen niesziekte.

Katten van alle leeftijden en rassen kunnen niesziekte krijgen. Net als bij andere infectieuze aandoeningen is de kans op het krijgen van niesziekte groter bij dieren die in grote groepen leven.
Katten die gebruikt worden in de fokkerij, kittens, katten wonend in asiels en zwerfkatten hebben een vergrote kans om de ziekte op te lopen.

Ongevaccineerde katten, kittens, oude katten en katten met een verminderde weerstand hebben een grotere kans om ernstig ziek te worden van niesziekte.

De typische verschijnselen van niesziekte zijn:
niesen, verkouden (neusuitvloeiing)
rode ogen, ooguitvloeiing
sloomheid
verminderde eetlust
koorts
soms: overmatig kwijlen door keelpijn (zweren)

Behandeling van acute niesziekte:
Dieren die in groepen leven, moeten worden geïsoleerd om de verspreiding van de virussen in te dammen.


Prognose van niesziekte

De meeste katten genezen.
Sommige katten houden blijvende schade over aan de ziekte. Het is goed mogelijk, dat de kat blijft snotteren, of dat de verschijnselen wel weggaan, maar steeds terugkomen

Chronisch niesziekte:
Dieren die herstellen van acute niesziekte kunnen vergroeiingen hebben in de neus. Hierdoor blijft slijm in de neus staan, wat een goede voedingsbodem is voor bacteriën. Deze katten zijn chronisch of recidiverend (terugkerend) verkouden.

Het virus kan in zenuwweefsel latent aanwezig blijven, nadat de kat de niesziekte overwonnen lijkt te hebben. Af en toe kan het virus weer actief worden en dan gaat het zich weer vermeerderen in de voorste luchtwegen en het oogslijmvlies. Bij dit herpesvirus kan er dus sprake zijn van een her-infectie van binnenuit (vergelijk het met een koortslip). Zo’n her-infectie duurt vaak maar 3-5 dagen, omdat er snel een immuunrespons is.

Het virus blijft in 10-40% van de gevallen aanwezig in de keelamandelen, nadat de kat de niesziekte overwonnen lijkt te hebben. En zo kan de kat zichzelf weer besmetten en ook andere katten.

Symptomen van chronische niesziekte
Katten met chronische niesziekte zijn vaak verkouden. De kat is verder niet ziek en de klachten komen en gaan, worden vaak niet erger. In sommige gevallen eet de kat minder goed en valt af.

Behandeling van chronische niesziekte:
Er is geen behandeling voor chronische niesziekte bij de kat.

Antibiotica en neusdruppels geven wel verlichting, maar na het stoppen van de behandeling komen de problemen vrij snel terug.

Bij chronische niesziekte is genezing niet mogelijk, maar kan de kat wel ondersteund worden met verlichtende maatregelen:
-stomen kan de neusuitvloeiing van de kat minder taai maken. Neem de kat mee in de badkamer!
-neusdruppels (zoutoplossing) voor de baby kunnen in theorie gebruikt worden voor hetzelfde doel. Andere neusdruppels mogen maximaal 3 dagen worden gegeven. Maar in de praktijk lukt het vaak niet om de kat te druppelen….
-onder narcose kan de neus effectiever worden gespoeld
-bij een enkele kat helpt prednison
-als een kat slecht ruikt en daarom minder goed eet, helpt het soms om het eten iets op te warmen, zodat het sterker gaat ruiken

Niesziekte bij de mens
Niesziekte is over het algemeen niet besmettelijk voor de mens. Alleen Bordetella bronchiseptica (komt alleen voor bij katten die leven in grote groepen) kan besmettelijk zijn voor mensen met een slechte weerstand.